Beschrijving
Zo herken je de Carpinus japonica
De Japanse haagbeuk ontwikkelt zich vanuit een grote struikvorm tot een kleine, bladverliezende boom van 12 tot 15 meter hoog. Het blad is langer en donkerder dan dat van de gewone Europese haagbeuk, glanzend en smal, met 20 tot 24 paar diep liggende, parallelle nerven die het blad een geribbeld, texturig oppervlak geven, waarbij ongeveer elke derde tand langs de bladrand een fijn, borstelig puntje heeft.
De boom heeft een compacte, wat gedrongen groeivorm die in Japan van oudsher gewaardeerd wordt in siertuinen en bij tempels, mede vanwege deze karakteristieke bladstructuur.
Bloeiperiode van de Carpinus japonica
De opvallende katjes zijn aanvankelijk groen en verkleuren later naar bruin, gelijktijdig met de bladontwikkeling in het voorjaar. Deze soort staat bekend om zijn decoratieve vruchtkatjes, die groter en opvallender zijn dan bij de Europese haagbeuk, waardoor de boom ook na de bloei nog geruime tijd sierwaarde behoudt dankzij de hangende, papierachtige trosjes.
Verzorging van de Carpinus japonica
Deze haagbeuk groeit goed op de meeste, goed doorlatende grondsoorten en verdraagt zowel zon als halfschaduw. Snoei bij voorkeur in de nazomer of vroege winter, kort na bladval, hoewel de soort net als de Europese haagbeuk over het algemeen goed snoeitolerant is.
Advies bij het planten van de Carpinus japonica
Plant bij voorkeur tijdens de rustperiode, van het najaar tot het vroege voorjaar. Dankzij het kleinere formaat, vergeleken met de Europese haagbeuk, is dit een fraaie keuze voor kleinere tuinen of als bijzonder accent te midden van bekendere soorten, waar de sierlijke bladstructuur en de decoratieve vruchtkatjes goed tot hun recht komen.
Andere opties uit ons assortiment
- Carpinus betulus – de Europese haagbeuk, groter van formaat en breder toepasbaar.
- Carpinus betulus ‘Lucas’ – andere haagbeuk-cultivar, dan zuilvormig en bladhoudend.
- Acer buergerianum – andere compacte solitair met sierlijk, kleinbladig karakter.















