Beschrijving
Zo herken je de Betula pubescens
Betula pubescens is inheems in Noord- en Midden-Europa en groeit van nature op vochtige bodems. Het is een middelgrote, potgekweekte boom met een losse, half open ovale kroon. De schuin afstaande takken hebben dunnere twijgen waarvan de uiteinden minder afhangend zijn dan bij Betula pendula.
De jonge stam is bruin, maar kleurt snel wit en bladdert af in dunne stroken. Op latere leeftijd wordt de stam grijsgrauw met diepe groeven, terwijl de schors zacht blijft. De roodbruine twijgen zijn opvallend zacht behaard, net als het jonge blad dat daardoor fluweelachtig aanvoelt. Het variabel gevormde blad is dubbelgezaagd en loopt later uit dan bij B. pendula.
Bloeiperiode van de Betula pubescens
De boom bloeit in april, iets later dan Betula pendula, met hangende mannelijke katjes van circa 5 tot 7 cm en kleinere, rechtopstaande vrouwelijke katjes. Door het latere uitlopen van zowel blad als katjes ontsnapt deze berk vaak beter aan late voorjaarsnachtvorsten dan Betula pendula. Na bestuiving rijpen de vrouwelijke katjes uit tot kleine, gevleugelde zaadjes die door de wind worden verspreid.
Verzorging van de Betula pubescens
Betula pubescens verdraagt veen- en licht zure bodems goed en wortelt dieper dan B. pendula, waardoor hij beter bestand is tegen vorst en droogtestress. De boom is van nature aangepast aan vochtige, soms zelfs drassige omstandigheden, zoals in laagveen- en broekbosgebieden, en gedijt daardoor prima op standplaatsen waar Betula pendula minder goed groeit. Zeewind wordt slecht verdragen. Snoei bij voorkeur in de nazomer of vroege winter, kort na bladval, om overmatige sapstroom uit de snoeiwonden te voorkomen.
Advies bij het planten van de Betula pubescens
Omdat het een potgekweekte boom is, kan hij het hele jaar door geplant worden, mits de grond niet bevroren is. Kies een vochtige tot licht zure standplaats, waar deze inheemse berk van nature het best gedijt. Vermijd plekken met veel zeewind.
Andere opties uit ons assortiment
- Betula pendula ‘Zwitsers Glorie’ – krachtiger groeiend, met een piramidale kroon.
- Betula nigra – eveneens geschikt voor vochtige grond, met een donkere bast.
- Betula pendula ‘Crispa’ – meer sierlijk ingesneden blad.















